-Winterwandelen | Winterwandelen Grampians (1) | Winterwandelen Cairngorms | Winterwandelen Grampians (2) | Skiën in Schotland -
- Ronald Naar op toerski's | Lawines in Schotland | Algemeen over lawines | Seizoenen voor buitensporters | 

- Weer & Klimaat in het Land van Mist & Regen-

Seizoenen voor buitensporters in Schotland

 
 Je bent hier:  Home > Bergsport > Seizoenen voor buitensporters in Schotland

'If you can see the top of the mountain, it's going to rain. If you can't see the top, it is raining'

Het vooroordeel van Schotland is dat het nat en mistig is. Terecht? Grapjes als 'If you can see the top of the mountain, it's going to rain. If you can't see the top, it is raining', bevestigen dit. Maar er is een grote locale en regionale variatie. Zo valt er in de hoofdstad Edinburgh zelfs minder regen dan in De Bilt en zijn er evenveel zonuren! 'Veranderlijk' beschrijft het best de weersituatie, zowel in algemene als in ruimtelijke zin en per dag. Met enige kennis van het Schotse weer, kan je niet alleen de beste vakantieperiode kiezen, maar ook uitwijken om toch te kunnen wandelen, fietsen of te klimmen met betere condities.

Klimaat

Er zijn vier factoren die het klimaat in Schotland beïnvloeden:
 
• de nabijheid van de Atlantische Oceaan;
• de noordelijke positie op de aarde;
• de overheersende westelijke windrichting en
• de aanwezigheid van bergen.

Noordelijk & Atlantische Oceaan
Schotland beslaat het noordelijkste deel van het Britse eiland en wordt aan drie kanten door water omgeven. Er heerst een gematigd zeeklimaat met zachte winters en koele zomers. De gemiddelde jaartemperatuur in Schotland is 8° C. Een relatief hoge temperatuur gezien de noordelijke positie van het land. Edinburgh ligt op dezelfde geografische breedte als Moskou! Oorzaak is de Warme Golfstroom die langs de westkust van Schotland stroomt en relatief ‘warm’ water naar noordelijke delen van de Atlantische Oceaan voert.

Wind
De overheersende windrichting is zuidwestelijk. De wind van de oceaan treft Schotland als eerste barrière van Europa en hier vallen dan ook de klappen. Het kan er, en vooral aan de noordwestkust, behoorlijk waaien. Er staat hier zo’n 30 dagen per jaar een windkracht acht of hoger. In de bergen, en vooral op de bergtoppen in het westen, kan het heel hard waaien. In de langgerekte dalen en valleien ontstaat soms een tunneleffect, waardoor er flinke windstoten kunnen voorkomen.

De westelijke wind –direct van de oceaan- is ook verantwoordelijk voor de aanvoer van vochtige lucht. Het gevolg is wolkenvelden en neerslag. Depressies trekken met grote regelmaat over het land.

Noordelijke wind is direct afkomstig van de poolstreek en veelal instabiel. Een noordelijke stroming kan in de winter, voor- en najaar een zeer koude wind en sneeuw brengen.

Bergen
De hoeveelheid neerslag wordt bepaald door de orografie: de aanwezigheid en de positie van de bergen. Op de in het westen gelegen bergtoppen van de Highlands valt de meeste neerslag: zo’n 3000 millimeter. In Fort William, een plaats aan de westkust vlak onder de Ben Nevis, valt 2000 mm. De westelijke bergketens doen de lucht ‘leeg regenen’. De oostkust is dan ook aanmerkelijk droger. Zo valt in de Braemar, oostelijk in de Cairngorms, nog slechts 900 mm. Gemiddeld kennen de Highlands 250 natte dagen in het jaar. In het zuidoosten is dat ‘slechts’ 175 dagen per jaar. En zoals aangegeven: In Edinburgh valt minder dan gemiddeld in Nederland.

Overigens is het landelijke gemiddelde in Schotland is 800 millimeter, slechts 50 millimeter meer dan in Nederland.

Neerslag & seizoenen
De meeste neerslag valt in de maanden oktober tot en met half januari. Daarna wordt het geleidelijk aan minder. Het droogste seizoen is mei en juni! Droog wil zeggen: 90 mm neerslag per maand in Fort William en slechts 55 mm in Braemar. De zomermaanden zijn natter dan de voorjaarsmaanden!

Wolkenvelden & zonuren
De bergen zijn ook verantwoordelijk voor de grote hoeveelheden wolkenvelden. De lucht van de langstrekkende depressies moet stijgen en de vochtige lucht condenseert. Zo is de Ben Nevis, met1344 meter de hoogste berg van Schotland en Groot-Brittannië, slechts 20 dagen van het jaar de gehele dag te zien vanuit het dal.

De hoeveelheid zon varieert van 1100 tot 1400 uur zon, tegen 1550 uur in Nederland. Schotland is dan ook niet bepaald een zonnig land te noemen. Maar vanwege de noordelijke ligging is het er ‘s zomers wel lang licht. In de maanden mei tot en met juli heb je dan ook een relatief groot aantal uren zon per dag, zo’n 8 uur. De rekening wordt gepresenteerd in de winter. Rond de Kerst zijn er extreem korte dagen. Zeker in de Noordelijke Highlands, waar het licht is van 9.00 uur ’s ochtends tot 15.30 uur ’s middags.

De Warme Golfstroom heeft ook een temperende invloed op de winterse temperaturen langs de westkust. De gemiddelde temperatuur in januari in Fort William is 2 tot 6° C. Braemar – in de Oostelijke Highlands is dan kouder met -2 tot 4° C.

Wanneer op stap?

De neerslag is niet alleen bepalend voor de meest gunstige periode voor buitensport-activiteiten in Schotland. Evenzo moet je rekening houden met de hoeveelheid daglicht en de aanwezigheid van de verfoeide midges (kleine muggen).
Meer over Midges...

Wandel- en fietsseizoenen
De meeste zon en minste regen tref je aan in mei en juni wanneer een prachtig helder licht de bergen kan beschijnen. Juli en augustus zijn normaliter warmer maar ook natter en de midges zijn dan het meest talrijk. Daar heb je vooral last van als je gaat kamperen. Aan het eind van september is de lucht koeler en het groen kleurt langzaam naar herfsttinten. De herfst biedt mooie wandelmogelijkheden, mede door de rust in de bergen. Fris met wel een behoorlijke kans op mist en stormachtig weer. De winter kan zeer koud zijn bij noordelijke polaire winden, maar ook gematigd en nat bij westelijke stromen. Sneeuw kan je verwachten van december tot maart.

Wandelaars van langeafstandroutes zoals de West Highland Way en fietsers van Lands End John O’Groats hebben bij een wandelrichting van zuid naar noord in zijn algemeenheid de wind (en eventuele neerslag) in de rug.

Bergwandelen
Naast het algemene weerbeeld van het seizoen, moet je in de bergen altijd rekening houden met een snelle weersverandering. Het weer kan binnen tientallen minuten omslaan met een plotselinge forse temperatuursdaling en mist tot gevolg. Houd hier terdege rekening mee bij instabiele weersituaties.

Temperatuur & wind op de top
De temperatuur daalt met de hoogte. Per honderd tot honderdvijftig hoogtemeters wordt het 1° C koeler. D.w.z. dat op een kille zomers dag van 15° C de temperatuur op de 1344 meter hoge Ben Nevis slechts 6° C is. Dat betreft dan de absolute temperatuur.

Gemiddeld genomen is op 900 meter hoogte de windsnelheid verdubbeld t.o.v. windsnelheid op zeeniveau.

Naast de luchttemperatuur is er de gevoelstemperatuur, de zogenaamde wind chill factor. Deze geeft het gecombineerde effect aan van de temperatuur en de wind. De wind ontrekt warmte aan je lichaam. Een windsnelheid van 30 kilometer per uur bij 10° C is gelijk aan het lichaamswarmteverlies bij 0° C. Als we uitgaan van een koele zomerse dag met een weersvoorspelling 12° C en een windsnelheid van 30 kilometer per uur, dan heerst er op 1000 meter hoogte een tempereatuur van 3° C met een windsnelheid van 60 kilometer per uur. Dit resulteert in een gevoelstemperatuur van -10° C. Deze rekensommetjes geven aan waarom je altijd met een goede uitrusting op stap moet. Bij instabiele weersituaties gaan muts en handschoenen, ook in zomer, mee als je naar de bergtoppen in de Schotse Hooglanden gaat. Uiteraard behoort een regenjas, -broek en bivakzak al tot je standaarduitrusting.


Let wel: De temperatuur van de weersverwachting wordt aangegeven op zeeniveau.

Misleidende hoogte
De bergen in de Schotse Hooglanden hebben een geringe absolute hoogte, van rond de 1000 meter. Laat je niet misleiden door de lage hoogte van de bergen in de Schotse Hooglanden. Door de noordelijke ligging van Schotland is er geen vergelijk mogelijk met bergen van dezelfde hoogte in Midden-Europa. Deze liggen in een warmer gebied en worden veelal voor depressies afgeschermd door landmassa’s en andere bergketens. De boomgrens geeft een goede indicatie, immers boven de boomgrens is het te koud voor de bomen om te groeien. De boomgrens ligt in de Alpen op zo’n 2100 meter hoogte. In Schotland is dat slechts 700 meter hoogte.

Rotsklimmen
Voor rotsklimmen is het seizoen mei en juni. In de zomer zijn sommige rotsroutes, die zich geheel in een windstille niche bevinden, niet te beklimmen door de midges.
Meer over rotsklimmen...

Winter
Het seizoen 'winter' is variabel met de hoogte. Sneeuwval kun je in de hogere regionen verwachten van december tot maart. Maar de eerste sneeuw kan ook al in oktober vallen of tot mei blijven liggen. De koudste maanden zijn januari en februari. Aan de westkust valt er gemiddeld slechts 20 dagen sneeuw, tegen 100 dagen in de oostelijk gelegen bergen van de Cairngorms.

De noordelijke ligging van Schotland heersen er alpiene condities in de winterse bergen: sneeuw, ijs, lage temperaturen, harde wind en gevaar voor lawines. Qua oriëntatie schuilt er een gevaar in de zogenaamde 'white-outs'. Door de mist en het grijswitte sneeuwdek raak je de horizon kwijt en kun je geen enkele inschatting meer doen van diepte en afstand. Een kleine fout in de kompaskoers kan je dan over een rand van een afgrond leiden i.p.v. er langs. Door de harde wind wordt kaartlezen een grote opgave. Daarnaast zijn er relatief korte dagen. Bergwandelaars vertrekken in de winter in het donker.

John Zijlstra's ervaring in de winter van 2002

Ik heb in februari 'geprobeerd' de Ben Nevis te beklimmen. Op ongeveer een kleine 3000 voet, circa 950 meter hoogte, heb ik het opgegeven. Windsnelheden tot boven de 100 mph (160 km/uur), oftewel horizontale sneeuw- en hagelstormen, zogenaamde 'white-outs', etc. etc. By the way: de Ben begint bijna bij 'nul', dus toch nog een hele berg!
In de winter kan oriënteren een behoorlijke opgave zijn
In de winter kan oriënteren een behoorlijke opgave zijn
(Foto: Martin Snijders ©)

Meer informatie over winterwandelen vind je in het speciale artikel.
Meer over winterwandelen...

IJsklimmen
In een goed jaar kan het ijsklimseizoen al beginnen in november en doorgaan tot in mei. De beste maanden blijven echter februari en maart. Dan beginnen de dagen immers te lengen en zijn de ijscondities over het algemeen beter.
Meer over ijsklimcondities in 'Handleiding voor ijsklimmen in Schotland'...

Flexibiliteit
Mits je niet een meerdaagse tocht aan het maken bent is flexibiliteit het belangrijkste voor alle activiteiten. Zoals hierboven geschetst kan er een grote regionale variatie zijn. Bij aanhoudende regen op Skye of andere gebieden aan de westkust, is het misschien beter eieren voor je geld te kiezen en uit te wijken naar de oostkust (Cairngorms). Maar ook lokaal kunnen de verschillen groot zijn. Zo kan er bij een gebrek aan ijs op de Ben Nevis, waarschijnlijk wel volop geklommen worden op de korte ijsroutes van Aonach Mor. Slechts één bergrug verderop.

Klimmers moeten te allen tijde bereid zijn door omstandigheden (natte rots, lawinegevaar) af te zien van hun beoogde route en alternatieven (wandelen?) bij de hand te hebben.

Het beschikken over een auto (toch al een vereiste voor het maken van dagtochten) maakt deze flexibiliteit vele malen groter.

En wat doen de Schotten?
De Schotse bergwandelaar laat zich niet tegenhouden door de geschetste condities. Ook bij mist, regen en sneeuw worden de Munro-bergtoppen bedwongen. Voor de vlakland-bergwandelaar en -alpinist is dit in het begin misschien even wennen. Maar ja: Schotten hebben er ook geen moeite mee als je alleen op stap gaat. En dat is ook not done voor in de Alpen geschoolde wandelaars...


 
 
          Naar de top van deze pagina  Naar beginpagina Buitensport-Schotland.nl