| Je bent hier: |
Home > Fietsen > Fietsvakantie in Schotland |
26 juli: Amsterdam - Edinburgh (vliegtuig + 10 km)
Afgezien van eco-overwegingen is vliegen de beste en goedkoopste manier om in Schotland te komen. We vliegen om 7 uur ’s ochtends voor een prikkie van Amsterdam naar Edinburgh. Slechts f 149,- plus f 90,- tax! De fiets moet samen met alle tassen binnen de bagagelimiet van 20 kg blijven. Dat lukt nooit, maar een vriendelijke lach voorkomt veel problemen. Het gebruik van fietsdozen is verplicht op deze KLM-UK-vlucht. De grap is echter, dat ze niet passen in het ruim van de Fokker-100. De fietsen gaan los in het ruim en bij aankomst treffen we de lege dozen verfrommeld aan op de lopende bagageband.
Op tien kilometer van het vliegveld bevindt zich een camping aan zee. Met het ritje kunnen we gelijk wennen aan het links fietsen door een drukke stad. De camping is een mooie uitvalsbasis om de prachtige stad Edinburgh zonder bagage te verkennen, bv. de Royal Mile.
27 juli: Edinburgh - Glendevon (60 km)
Met flink speuren en enig vragen komen we over de Forth Road Bridge. Deels wordt een fietsroute aangegeven naar Aberdeen. Door die te volgen komen we via rustige wegen verder noordwaarts. In Dumferline genieten we van een lunchen in het park bij de kerk onder het genot van de nergens afwezige doedelzakmuziek. Dumferline is de geboorteplaats van Carnegie en eens hoofdstad van Schotland onder King Robert the Bruce.
Door bossen en langs meertjes rijden we verder. Helaas is zwemmen overal verboden op deze warme dag (visplekken). We belanden op een supereenvoudige camping in Glendevon: een groot grasveld voor ons alleen met slechte voorzieningen.
28 juli: Glendevon - Pitlochry (80 km)
We vertrekken richting Crieff en vullen onze magen bij de warme bakker met allerlei soorten scones. In het toeristische plaatsje Dunkeld, genieten we van echte koffie en pies aan de oever van de River Tay. Via fietsbordjes rijden we langs de snelweg naar het supertoertistische Pitlochry. De niet zo leuke camping staat vol en op de rugby play ground vinden we de perfecte kampeerplek, inclusief water, plee, papier en zeep. De zalmtrap bij waterkrachtcentrale en Pitlochry by night vullen de avond.
 Sandra bereid zich voor op de eertse steile klim van 20%, nabij Corgarff Castle
|
29 juli: Pitlochry - Braemar (70 km)
De bakker gaat op zondag pas om 10:00 uur open. Daar wachten we dan ook maar op voor een vers ontbijt. Maar als we vertrekken, zien we bij het uitrijden van het dorp een grote supermarkt die al sinds 8:00 uur open is. Met miezerregen klimmen we het stadje uit. Het weer knapt op en met wind in de rug nemen we de eerste echte helling bij the Cairnwell (12-13%), de hoogste snelweg van de Groot-Brittannië. De lange afdaling gaat door een mooi, kaal gebied met veel road pizzas (=dierlijke verkeersslachtoffers). In het piepkleine, pitoreske Breamar staan we op een prima camping met giga veel wind (maar dat is altijd beter dan midges).
 De laatste van drie steile hellingen (Grampian Mountains)
|
30 juli: Braemar - Tomintoul (55 km)
Bij Balmoral Castle (één van de vele optrekjes van de Queen) staan busladingen vol toeristen op de parkeerplaats. We fietsen door en na een korte klim en afdaling genieten we van koffie in een café annex souvenirsshop in Corgarff. We laden ons hier op voor een echte serieuze klim na het mooie kasteeltje bij Cock Bridge: drie steile hellingen van achtereenvolgens 20%, 17% en 13% naar de top. De afdaling naar Tomintoul is om je vingers bij af te likken. We kamperen ‘wild’ op een provisorisch campingplekje van het Rangerstation van het Glenlivet Park. Onze eerste echte ontmoeting met Mr. Midge.... We eten in een klassiek hotel Brits ‘voedsel’ (voer?) dat we er af lopen met een after diner walk naar de Queen Victoria View.
31 juli: Tomintoul - Findhorn (65 km)
De Speyside is bedekt met whisky-distilleerderijen. We krijgen een rondleiding in de Glenlivet distillery. We zijn nu duidelijk de hoogtepunten van de Grampian Mountains voorbij. Na veel kilometers komen we via Dallas - iets kleiner dan zijn Amrikaanse broertje - in Forres. We rijden door naar de camping van de Eco-village in Findhorn. Het is gelegen naast een RAF-vliegveld (HERRIE!!). Zo’n vredig oord op deze plek!?!? De grondlegster van de community heeft vreemde guidances gehad op de WC, die toch nog tot een interessante en unieke gemeenschap hebben geleid.
1 augustus: Findhorn
Een rustdag met regen. Die is in de Eco-village Findhorn goed besteed. Een rondleiding door de Living Machine: een afvalwaterverwerking in grote watertonnen in een kas, supervers eco-brood bij eigen eco-bakker en eco-koffie en enorme eco-choco-cake in een gezellig eco-café. Als toetje doen we een tour langs het hele community-project met veel zweef-items. Daartussen staan prachtige voorbeelden van duurzaam gebouwde houten huizen, sommige zijn rond en van enorme, gerecyclede whisky vaten gemaakt. Op het nabij gelegen strand van Findhorn halen we een frisse neus met beide benen op de grond.
 Strand bij Findhorn
|
2 augustus: Findhorn - Inverness (60 km)
Het weer lijkt ons goed gezind, maar na een koffiestop in Nairn druipen we, net zoals Bonnie Prince Charlie eeuwen geleden deed, over het slagveld van Culloden Moor. Alleen druipen wij van de regen en droop hij af. In stromende regen komen we aan in Inverness. Alle hostels zitten natuurlijk vol. Na een wandeling en hapje in de stad breken we onze rug op de zachte matrassen van een B&B.
3 augustus: Inverness - Ullapool (80 km)
Een strak blauwe hemel begeleidt ons bij vertrek uit Inverness. De koffie in het achtergebleven gat Muir of Ord kun je beter vergeten. Locals genieten daar van hun ontbijt met witte bonen in tomatensaus. Korte heftige buien leiden ons naar een herberg in het desolate landschap, de Aultguish Inn. De lekkerste 'Laté' van Schotland wordt er gemaakt van het veen-bruine kraanwater. Via de Gorge, een wood turner en een arboretum vol sequoia’s rijden we Ullapool binnen. Een grote camping en dito supermarkt zijn hier de hoogtepunten tussen alle toeristen
4 augustus: Ullapool - Brae of Achnahaird (40 km)
Het Coigach schiereiland is onze meest noordelijke bestemming. De fietstocht is prachtig en voert door ruig veengebied. We aarzelen of we niet nog noordelijker moeten gaan richting Lochinver. We besluiten dat te bewaren voor een volgende keer. Een wondermooie basic camping ligt aan het strand. In heerlijk weer - zon en wind - luieren en lezen we ons de dag door.
 Camping bij Achiltibule met uitzicht op de bergen van het Coigach schiereiland: Cul Mór, Cul Beag & Ben Mór Coigach
|
5 augustus: Brae of Achnahaird - Ullapool (55 km)
Zonder bagage fietsen we naar de Hydroponicum: een kas met drie subtropische klimaten waar alles op water en substraat wordt geteeld. Leuk, maar niet speciaal: in Holland wordt ook alles op steenwol matten geteeld. Dezelfde weg als de dag ervoor voert ons via fish & chips naar bekende camping in Ullapool.
6 augustus: Ullapool - Laide (65 km)
Het kleine bootje van het hotel aan de overkant van het water vaart niet meer. Het hotel is gesloten en bovendien vroegen ze erg veel geld voor de overtocht, toen het nog in de vaart was. We rijden om het loch heen, genieten weer van de prachtige bomen langs de weg en stoppen na veertig kilometer in ons fietskloffie in een te chique hotel. De koffie is er echter heerlijk, net als de luie banken. Een verwonde, geheel onder de midge-beten bedolven Brit vertelt ons zijn angstige verdwaling bij Loch Assynt. Ervaren bergwandelaar als hij is, ging hij toch letterlijk en figuurlijk de mist in. Midge-beten zijn zijn deel, maar hij kan het verhaal vertellen. Op een prachig uitzichtpunt over zee na Badrual luieren we daarna lange tijd in de zon. In Laide staan we op een prima camping aan het strand naast een pitoreske begraafplaats.
7 augustus: Laide - Torridon (80 km)
De ochtend rijden we de mooie route naar Gairloch. Helaas blijkt het Rubha Reigh Lighthouse (hostel) vol. Het is een erg fraai gelegen hostel aan het eind van een doodlopende weg van 40 kilometer. Niet iets om heen te fietsen, als er geen ruimte voor je is. In een fantastische outdoor-bookstore-café drinken we koffie met mega-scones (raison-cinnamon en mountain herb-cheese). Daar maken we een plan voor het vervolg van onze tocht. In Kinlochewe maken we ruzie met de tankstationbediende. Never say 'fuck off', als ze je geen benzine willen verkopen (zie tips).
 Langs Loch Maree op weg naar Kinlochewe
|
We overnachten op de campsite nabij het gehucht Torridon. Waar we deelnemen aan een waar midge-feest. Op zich niet verwonderlijk, de campsite staat boven op drassig veen. 'Vega-Mike', Wim en Janny zien we pas weer de volgende ochtend. Niemand gaat 's avonds buiten zitten. Op zich zou een vuur wel helpen, maar de gehele nabij omgeving is al geheel afgestroopt. Het tikken van de regen op het tentdoek maakt het 'extra gezellig'.
8 augustus: Torridon - Ardelve (75 km)
Gelukkig bestaat er naast zon ook wind. Midge-free ontbijten we en al snel maken we een koffiestop op de veranda van een soort blokhut dat schijnbaar een super seafood restaurant is. In Lochcarron hebben we deze keer zonder problemen benzine gehaald en ook eten ingeslagen. Twee hele steile en één hele lange beklimming worden begeleid door flinke regenbuien. Na een geweldige afdaling (geschikt voor snelheidrecords) belanden we in Ardelve en bezoeken het meest gefotografeerde kasteel van Schotland: Eilean Donan Castle. Inderdaad een bezoekje meer dan waard. In een heerlijk avondzonnetje ontmoeten we Wim en Janny weer op de camping.
 Eilean Donan Castle
|
9 augustus: Ardelve - Glen Brittle (85 km)
We staan op in de regen. De drizzle stopt langzaam en we breken op om over een drukke weg naar Skye te gaan. In Kyleakin bezoeken we het Bright Water Centre en krijgen veel waardevolle info van een bijna Schotse Australische. Na een frietje vertrekken we richting de jeugdherberg van Glen Brittle. De lange tocht met een pittige klim aan het eind van de dag valt zwaar. Maar met een steile afdaling belanden we in een gezellige jeugdherberg vol Engelse wandelaars van een wandelclub. Er is nog plaats voor één vrouw en Dick mag in de living op de vloer. We praten na over de mooie dag met Ian, een Schotse Ier, die onze Ortlieb koffiefilterhouder (een ware attractie?) aanvult met whisky. Iets wat Sandra de volgende dag gaat berouwen...
 Sandra rijdt richting Glenbrittle met op de achtergrond de Black Cullins (Skye)
|
10 augustus: Glen Brittle
De fietsrustdag vullen we met een flinke wandeltocht langs de kust aan de voet van de Black Cullins naar de punt van het schiereiland Rubh 'an Dun (op de fiets tot de camping, waar een mini-winkeltje is en de eigenaren op de fiets passen). Prachtig weer en geen zuchtje wind op dit schiereiland. Midges bij de fleet, dus blijven lopen. Gelukkig steekt rond het middaguur de wind op en luieren we in het voormalige dorp met fundamenten van huisjes (hut circles), een fort (dunn), een viking-kanaal en een gigantische muurde beschutting. Sandra slaapt haar hoofdpijn er een beetje uit.
11 augustus: Glen Brittle - Armadale (80 km)
Het weer van gisteren bleek stilte voor de storm. Na een valse start om half tien stappen we tegen beter weten in om half twaalf toch op de fiets. Het blijft maar tien minuten droog en met windkracht acht ploeteren we door het desolate Skye. Gek genoeg komen we vandaag meer fietsers tegen dan op andere dagen. Friet en tosties warmen ons en veel verzopen wandelaars op in Sligachan Hotel. In nog slechter weer gaan we verder naar Broadford, waar de jeugdherberg vol is. Dus op naar Armadale. Het klaart gelukkig iets op: windkracht zes en in plaats van plenzen nu regen. Nat en leeg komen we in het mooi aan het water gelegen, maar vrij ongezellige hostel.
12 augustus: Armadale - Glenfinnan (boot + 50 km)
In stijl - miezerregen - verlaten we Skye met de boot naar Malaig. Wat volgt is een mooie heuvelachtige omgeving met strandjes en kleine vakantieplaatsjes. In Arsaig genieten we van walnoot-passievruchtencake en vervolgen onze weg tot Glenfinnan. Daar komen we niet meer weg na een zalige lunch in een oude coach (rijtuig, red.) bij het station. Te veel houdt ons op. Ten eerste wordt het lekkerste brood van Groot-Brittannië voor onze neus gebakken in de coach. Ten tweede vanwege de verhalen van de BBC-filmer Robert Bierman, die een documentaire maakt over de reddingsacties op de Ben Nevis. De documentaire heet Rockface (februari 2002). En ten derde, komt de hemel weer naar beneden... We bezoeken het train museum en het nabij gelegen visitor centre bij het standbeeld van Bonnie Prince Charlie. We overnachten met toestemming in het kerkweidje met vreselijk druilweer. Een grote kudde herten loopt geruisloos langs 'onze camping'.
 Monument in Glenfinnan ter nagedachtenis aan de laatste grote Jacobiet-opstand om de Schotse Stuart-troonpretendent weer op de Britse troon te krijgen.
|
13 augustus: Glenfinnan - Edinburgh (trein + 5 km)
Stortregens houden ons wakker. Het is dus geen probleem om om zes uur op te staan om de zeven uur trein te halen . De voorspellingen zijn bar en boos en we besluiten de rest van de tijd door te brengen in Edinburgh waar het festival in volle gang is. Het lukt zonder reserveringen de fiets in de trein mee te nemen. We zien onderweg weinig van het landschap. Het regent onophoudelijk. In Glasgow maken we een tussenstop, lunchen en bezichtigen de kathedraal onder leiding van een geanimeerd, gepensioneerd in-Schotse verteller. In Edinburgh vinden we na veel omzwervingen de andere (betere) camping van Edinburgh. Een mooie avondlucht kondigt de zon alweer aan. En dat tegen alle voorspellingen in.
14 augustus: Edinburgh
Zon, zon, zon. Iedereen is weer vrolijk en zit te dampen voor z’n tentje. We drinken koffie en witte chocolademelk met twee Amerikanen en één Afrikaan. Dick verkoopt zijn hellingmeter aan een van deze collega-fietsers. 'Nu heeft die Amerikaanse achterop de tandem ook iets te doen.' We vertrekken naar de studentshousing waar we de laatste twee nachten een kamer hebben gehuurd; een ideale basis om door de bruisende stad te slenteren met zijn straattheater en indoorvoorstellingen.
15 augustus: Edinburgh
Genoeg te zien en doen in Edinburgh. Na allerlei voorstellingen, terrasjes, souvenirs en een pittige Indiase maaltijd genieten we onder een grote parasol, die ons tegen de regen beschut, van een wijntje. Op het gezellige binnenplein toosten we op de mooie vakantie.
16 augustus: Edinburgh - Amsterdam (15 km + vliegtuig)
Een bekend fietstochtje voert naar het vliegveld. Weer zonder problemen checken we in. Geen gezeur over onze plastic zakken die we rond de ketting hebben gebonden en het overgewicht. Ruim een uur later fietsen we weer in Nederland.
Meer over fietsen in Schotland...
|