| Je bent hier: |
Home > munros > 'Eigenlijk was het nooit de bedoeling' |
Op de eerste pinksterdag klom NKBV-lid Anne van der Wal (47) met haar partner Jan Vijfhuizen op de 1090 meter Stob Ghabhar, aan de rand van het Schotse Rannoch Moor. Daarmee voltooiden ze allebei hun lijstje met Munro’s –Schotse toppen van meer dan 3000 voet. Van der Wal is de eerste Nederlandse vrouw die alle 283 Munro’s bedwong.
 Anne en Jan bij aankomst op Stob Ghabhar
|
Nog even, waar draait het ook al weer om bij de Munro’s?
De Munro’s zijn genoemd naar Sir Hugh Munro, die ooit een lijst heeft gemaakt van alle Schotse toppen van boven de 3000 voet – of 914 meter. Het zogeheten munrobaggen is het systematisch aflopen van al die toppen. Door de jaren heen is de lijst nog wel eens aangepast: nu weer een top d’r bij, dan weer een top eraf. De laatste wijziging is van september vorig jaar. Toen bleek bij een meting van de Ordnance Survey dat Sgurr nan Ceannaichean, in de noordwestelijke Highlands, een paar centimers te kort was. Ja, die hadden we op dat moment al beklommen.
Je zegt munrobaggen en ik zie regen, ik zie wind, ik zie warm bier in koude pubs en ik zie vooral uitgestrekte natte heidevelden…
Ach, als je naar Schotland gaat is het nodig dat je je plannen zo nu en dan aanpast aan het weer, maar met regen is het altijd heel erg meegevallen. Je kunt strak willen vasthouden aan je schema: ‘Nee, vandaag is het een rustdag, dus lopen we niet’, maar je kunt ook zeggen: ‘Oke, de zon schijnt, we gaan toch op pad.’ Je loopt af en toe door de drizzle, maar we hebben in al die jaren maar heel af en toe meegemaakt dat we moesten omkeren omdat het te hard regende.
Hoe kwam je op het idee dat je al die 283 bergen op wilde?
Dat is eigenlijk nooit vanaf het begin de bedoeling geweest. We kwamen in Schotland om te fietsen, en dan zie je die heuvels en dan denk je: daar wil ik tegenop. Dat was in 1993. Daarna is het eigenlijk heel langzaam gegroeid. We wilden gewoon mooie tochten maken, en dan gaat het min of meer vanzelf. Pas toen we er ongeveer honderd hadden gedaan, ergens rond het jaar 2000, zijn we gaan nadenken over het afmaken van die lijst.
Welke toppen springen er nou uit?
Dat zijn er een paar. De Inaccessible Pinnacle op Skye bijvoorbeeld, dat is de enige top waar je echt moet klimmen om boven te komen. Die deed z’n naam eer aan, want uiteindelijk moesten we, mede vanwege het weer, drie keer terugkomen. Aonach Eagach, een lange rotsgraat aan de noordkant van Glencoe, springt er wat mij betreft ook uit, al was die naar mijn smaak wel erg luchtig.
We hebben één keer bij min tien met ons tentje in de Cairngorms gestaan. Daar viel eigenlijk alles samen. ’s Nachts hoorde je het ijs van het meertje waar we naast stonden kreunen en kraken: de volgende ochtend was er een inversie. De wolken lagen in het dal en wij zaten met prachtig rustig weer boven
En zijn er ook toppen die er in negatieve zin uitspringen?
De Cruach Ardrain, ten zuiden van Crianlarich, schiet me te binnen. Die bestond vooral uit een heleboel modder. Ik was bovendien zo handig geweest om het kompas in de auto te laten liggen. Uiteindelijk zijn we wel boven gekomen, maar ik geloof niet dat we het helemaal volgens de beschreven route hebben gedaan.
En hoe moet het verder nu je de lijst compleet hebt?
Ik heb nog geen concrete nieuwe plannen, als je dat bedoelt. Uiteindelijk komt er zeker een nieuwe uitdaging, maar ik heb nog geen idee waar en hoe. En ik denk ook niet dat het iets wordt waarmee ik nog eens zeventien jaar bezig ben.
|