|
Eenzelfde gevoel had ik ook op de Inaccessible Pinnacle in het Britse klimparadijs bij uitstek, de prachtige Black Cuillin op Skye. Deze moeilijkste aller munrotoppen veroorzaakte ook een versnelde hartslag. Ook dwalen mijn gedachten af naar onze gedenkwaardige millenniumvakantie toen ik er in veertien klimdagen niet eenmaal in slaagde een top te bereiken. Elke poging strandde in een meter sneeuw en door te weinig daglicht. In de tien tot twintig jaar dat je met deze hobby bezig bent kun je veel uitersten meemaken: van verzengende zon tot een bevroren kompas, van arctische temperaturen tot zwarte wolken midges, van overbelastingsblessures tot slapeloze nachten in hooggelegen ijskoude basecamps, van eindeloos gezeul in zompige turf tot onderkoelingsverschijnselen, van terreinbeperkingen door de jacht op herten en korhoenders tot kolkende bergstromen. Munrobaggen is niet iets voor doetjes. Piece of cake? Vergeet het maar! Lambada in de Black Cuillin of Skye...
Hamish en Pluvius
Tjonge, wat jammer, de wind loeit en neemt nog steeds in kracht toe. Uitgerekend op mijn laatste klimdag. Bovendien is het gaan regenen, hetgeen betekent dat de druppels zich nu bijna horizontaal verplaatsen. Die koude nattigheid kruipt uiteindelijk toch ergens naar binnen. Ieder is nu druk bezig de warmte zo veel mogelijk binnen te houden. Pluvius regeert en zorgt ervoor dat de Heuvel van het Geweeklaag zijn naam alle eer aandoet. En opeens is daar verrassend de kleine cairn, de steenhoop op de top, met een ontsierende, roestige, ijzeren staaf erin.
Terwijl er al druk wordt geflitst, wacht ik op Lucy die zich halverwege de groep bevindt. Sorry, ze heeft zo veel met mij geklommen en nu ben ik, in gedachten verzonken, alleen maar met mezelf bezig geweest. Geen nood, ze is sterk genoeg en bovendien hebben enkele Schotse vrienden zich bij haar gevoegd. Ze valt, heel clichématig, in mijn armen en ik kus haar, een meter van de top verwijderd. Leuk dat ik het heb gehaald. De impact dringt niet tot me door. Val ik nou in dat zwarte gat?
Grote chaos op de top. Binnen vijf minuten is iedereen aanwezig. Haastige felicitaties, snel wat foto’s. Wat een wanorde. De wind is niet te harden. Door de regen koelt ieder snel af. 'Down, down', hoor ik roepen. Daar gaat de geplande groepsfoto. De Nederlandse en Schotse vlag kiezen bijna het luchtruim. Van foeragering is al helemaal geen sprake. Snel daalt de groep zo’n vijftig meter af waar er enige beschutting is achter enkele rotsblokken.
Tot onze verbazing zit daar op een gunstig plekje een klimmer half verscholen achter een paraplu. Zo iemand heeft ze niet alle vijf bij elkaar, zou je denken. Even niet opgelet en je bent paraglider. Maar dan: 'That’s Hamish, Martin'. Dr. Hamish Macmillan Brown, de beroemdste Schotse bergbeklimmer en auteur van bergsportliteratuur van deze generatie. We kunnen het allemaal niet geloven. Dè Hamish Brown heeft zich verwaardigd om de derde Nederlandse munroist te verwelkomen. Uit ervaring wist hij dat de groep vanzelf wel in zijn buurt de luwte zou opzoeken. We zijn met stomheid geslagen. De Schotten zijn trots dat hij voor mij de elementen heeft getrotseerd. Ondanks zijn zeventig jaar ziet hij er zeer fit uit. Deze man is een gigant in de bergsportwereld. Behalve vele beklimmingen in en buiten Europa heeft hij heeft alle Munros meer dan zeven keer beklommen. Beroemd is hij ook door zijn prachtige boek: Hamish’s Mountain Walk - The First Traverse of all Sottish Mountains in One Journey.! Een must voor elke munro-bagger en bergsportliefhebber. Boeken: Hamish's Mountain Walk...
Tijd voor een ‘wee dram’, een scheutje whisky. In mijn rugzak heb ik een liter Auchentoshan Single Malt en vijftig glaasjes met een klein herdenkingsetiket. Dat kan iedereen houden als aandenken. Het is een heel gedoe om dit rondje te geven, want de stormwind neemt een groot deel van deze alcoholische versterking tot zich. En dan opeens is iedereen als bij toverslag verdwenen. Patrick en ik zijn met Hamish in een geanimeerd gesprek verzeild geraakt over al onze wederwaardigheden en hebben de versnelde aftocht van de anderen niet opgemerkt. Hij heeft Meall Corranaich van een andere zijde beklommen en dus nemen we afscheid. Hij zegt toe om ook onze party in The Killin Hotel te bezoeken.
Het slechte weer neemt niet af en Lucy heeft nog een nare uitglijder op een kletsnatte rotsplaat. Het fysieke ongemak zal haar nog weken herinneren aan haar laatste beklimming. Zij is gestopt met haar vijftigste! Beklimming wel te verstaan. Zoon Michael staat halverwege stil met kletsnatte voeten. Zijn ijskoude handen kunnen de losse veters niet meer knopen. De hele groep is uit elkaar geslagen en er zit zeker een kilometer tussen de eerste en de laatste klimmer. En dat op een relatief gemakkelijke beklimming met niet al te veel hoogtemeters. Zo zie je maar dat klopt wat de meest Schotse klimmers zeggen: “There is no such thing as an easy Munro!” Het enige voordeel van dit pokkenweer is dat geen midges je het leven kunnen zuur maken. Dat is nog erger dan deze normale depressie.
Black hole
Wanneer je eenmaal door het virus bent aangestoken is er geen weg meer terug. Thuis ben je dagelijks in gedachten in de zo geliefde Highlands. Je verslindt alles wat je aan literatuur tegenkomt. Je bestudeert kaarten en onderhoudt contacten met een steeds verder uitdijende schare lotgenoten. Je schrijft over je avonturen en ontmoetingen en publiceert in tijdschriften en op websites. Zoon Patrick geeft zelfs al zes jaar een tijdschrift uit, Beyond the Top – een platform voor de reiservaringen en wetenswaardigheden van onze naaste vrienden en kennissen. Intussen zijn we daarmee al duizend pagina’s gepasseerd. Vorig jaar stuurde ik mijn beste Schotse vriend een poëtische ontboezeming mijnerzijds, vertaald in de inleiding van dit artikel:
At home
in The Low Countries
I feel an urge beyond control
to set off to the heavenly Highlands
to meet the fraternity of glen and rock
to enjoy the blue skies and the clouds
the blustery wind and the roaring storm
the scorching sun and the mysterious mist
the steep screes and the tumbling waterfalls
the horizontal sleet and all those slithery slopes
the lichenous boulders with the solitary rowan tree,
the deafening silence and the oh so soothing solitude.
Zijn antwoord was heel raak: ’You seem to have gained a masochistic pleasure from your ordeals in the Highlands!’ Dat is waarschijnlijk de spijker op zijn kop! Endorfinen en adrenaline verzachten de pijn en schenken je een gevoel alsof je de hele wereld aankan. Net zoals bij hardlopers die nooit ophouden omdat het lichaam roept. Munro-baggen is zo’n verslaving dat je je honger slechts tijdelijk kunt stillen door er ‘weer een te doen’. Vele vrienden die al een of meerder keren een full round hebben gemaakt, hebben me gewaarschuwd voor het beruchte ‘black hole’ na de beklimming van de laatste. Mijn hemel, ik voel nu al dat ze gelijk hebben. Veel klimmers blijven gewoon hun hele leven doorgaan. We zijn al heel wat keren van die tengere zeventigjarigen met een onuitblusbare energie tegengekomen.
Tweehonderdduizend hoogtemeters
Bij het Visitor Centre is het een nog grotere chaos dan ‘s ochtends. Eenderde van de groep is al ‘geheel verzopen’ vertrokken en de meesten weten niet hoe snel ze weg moeten van deze gure plek, die met mooi weer niet voor het paradijs onderdoet. Geen nood. Over een uurtje is het verzamelen geblazen in The Killin Hotel.
|