|
Winter?
Het is half februari. Samen met mijn vriendin ga ik een weekend wandelen op de Hautes Fagnes in België. Er is weinig sneeuw gevallen in deze winter. Een eenzame langlaufer maak nog gebruik van een 500 meter lange strook sneeuw in de schaduw van de bosrand. Het is lekker weer. Bijna voorjaar. Raar idee dat ik over een week een winterwandeltocht van SNP zal leiden in Schotland. Want ook daar wil het volgens de berichten maar niet echt sneeuwen .
Op weg
Donderdag moet ik nog een paar dingen afronden op mijn werk. Zoals altijd is het meer dan verwacht. Maar vanaf Den Haag is de Europoort niet ver. Denk ik. Vijf uur: een collega attendeert mij op de avondspits rondom Rotterdam. Ik schiet in de auto en rij tussen de files door als een gek naar de veerboot. Om half zeven sta ik in de haven. De deuren van de boot sluiten als ik de boot in rij. Maar ik ben op weg!
Laphroaig
Vanuit Hull rij ik de volgende dag naar Dunblane in Schotland. De ontvangst is altijd gastvrij bij Donald, mijn ex-stagebegeleider. Deze keer val ik echter met mijn neus in de boter. Het hoofd van zijn afdeling gaat met pensioen en het afscheidsfeestje is 's avonds bij Donald thuis. Hij woont in een huis in Victoriaanse stijl dat een fantastisch uitzicht geeft over het vlakke dal van de River Forth en de Highlands op de achtergrond. De avond eindigt met een fles whisky in de studiekamer van het huis. Laphroaig. Nog nooit gedronken, maar erg lekker. Een week later zal de helft van het reisgezelschap, dat ik ga begeleiden, een dure smaak erbij hebben.
Na een British breakfast, met gelukkig geen Scottish porridge, ga ik met de trein naar Glasgow. Naar het vliegveld waar de groep arriveert. Het werken begint gelijk goed. Er zijn geen topografische kaartensets aan de deelnemers toegestuurd vanuit kantoor. Maar dat lossen we op met kleurkopië
De eerste dag
Vanaf Glasgow gaan we met de trein naar Kingussie. Een klein dorpje in de Grampian Mountains. We worden afgehaald door de beheerder van het guesthouse. De eerste dag is, op het kopiëren na, een makkie. Maar toch zijn de wegen van een reisleider ondoorgrondelijk. De firma die onze locale transfers verzorgt, bleek met een bus klaar te staan op het verder gelegen treinstation van Aviemore. Om ons van daar uit naar Kingussie te brengen! Gelukkig is het niet de enige keer dat hij voor ons uitrukt. SNP is een goede klant.
Vanuit Kingussie maken we 's middags nog een uitstapje naar de historische plek 'Ruthen Barracks'. Een goede plek voor een toelichting over een facet van de fascinerende historie van de Schotten: de strijd tussen de Jacobieten en de Red Coats. De Ruthen Barracks staan aan de Insh Marshes, een natuurbeschermingsgebied van de Royal Society Protection of Birds. Het is een laagveen gebied dat nog jaarlijks overstroomt. Zoiets kennen we in Nederland niet meer. Niet dat de aanwonende daar zo blij mee zijn. Maar het is een fraai gebiedje. En één van de laatste van zijn soort in Schotland.
De B&B is het neusje van de zalm van Britse prularia. Leuk! Het eten is er lekker en op de tweede dag krijgen we zelfs Haggis met a wee dram of whisky. De gehele laat het zich zelfs smaken. Het is een gemêleerd gezelschap. Twaalf man en vrouw sterk. Zoals zo vaak: Jong, rond de dertig, oud, boven de vijfenzestig, alleen, getrouwd of wat al niet meer. Enthousiast zijn ze allen. En dat is het leuke aan het vak! Oh ja. Eén deelnemer heeft geschiedenis gestudeerd. Mijn verhaal over de Schotse historie is goedgekeurd!
Er is alleen één 'klein' probleem. De reis is een sneeuwwandelreis. Met sneeuwschoenen! Van te voren had ik al aangegeven dat de kans op het gebruik ervan niet groot is. Dikke pakken sneeuw heb je niet vaak in Schotland. Door de meteorologische condities wordt de sneeuw snel verhard tot ijs. Stijgijzers en pickels is wat je moet hebben. De afwezigheid ervan schept echter ook duidelijke randvoorwaarden aan de tochten die je kunt uitvoeren. Maar waar heb ik het over? Er ligt helemaal geen sneeuw! En dan te denken dat ik volgende week nog ga ijsklimmen met een vriend....
Carn an Fhreinceadain
Op de eerste wandeldag lopen we naar de Carn an Fhreinceadain. Een zeer vlakke heuvel aan de rand van de Monadhliath Mountains westelijk van Kingussie. Het is een Corbett. Een eenvoudige wandeling door uitgestrekte heidevelden en gure stormachtige wind. Gelukkig is er een hutje voor jagers dat ons _selfdak biedt voor de lunch. Het hutje is er niet voor niets. De heide stikt van de Red Grouse, de Schotse Sneeuwhoen.
|
Monadhliath Mountains
|
|
Kingussie (235 m) - Glen Gynack - Pitmain Lodge - Beinn Bhreac (840 m) - Carn an Fhreinceadain (878 m) - pas langs Allt Mor - Pitmain Lodge - Loch Gynack (320 m) - pad door het bos - Kingussie (235 m)
|
Lairig Ghru
De volgende wandeling voert door de befaamde Lairig Ghru. Een nauwe 'sleuf' door het Cairngorms plateau. Vandaag wordt de stormachtige wind vergezelt van regen. Fijn! De klautervaardigheden van de groep blijkt in de Chalamain Gap. Dat verschilt behoorlijk, maar ook de conditie verschilt per deelnemer. Het gevolg is dat er de wel bekende groepjes ontstaan: voor, midden en achter. Ik spreek met de voorste af dat ze moeten lopen tot aan een hutje. De Sinclair Hut. En: 'Hooguit een half uur doorlopen!' Menig Schotse wandelaar kan je echter vertellen dat de Sinclair Hut niet meer bestaat. Alleen is deze nog wel op de kaart aangegeven. Door tempoverschillen, de wind en regen wordt de situatie al snel onoverzichtelijk. De groep vooraan weet echter van geen ophouden. Die zijn de pas zelfs al gepasseerd. En wat is een half uur? Ingrijpen dan maar, om de groep weer bij elkaar te krijgen. De achtersten laat ik langzaam weer teruglopen naar Rothiemurchus Forest. We spreken af bij een reeds gepasseerd en bekend punt. Ik ren naar de voorsten toe. De stemming blijkt opperste best bij de koplopers. Breamar, het eerste dorp op 40 kilometer lopen, hadden ze waarschijnlijk wel gehaald.
Ingo, de historicus, ging vandaag niet mee. Die is in plaats daarvan naar het nabijgelegen wildpark gewandeld. In deze tijd van het jaar was hij zo'n beetje de enige bezoeker. Vandaar dat hij mee mocht om de beesten te voeren: 'Dooie konijnen over het hek gooien bij de wolven.'
|
Lairig Ghru
|
|
Grondstation Cairngorms skigebied (630 m) - Chalamain Gap (705 m) - Lairig Ghru (835 m) - Rothiemurchus Lodge (440 m) - Loch Morlich (320 m)
|
Cromdale Hills
Vanuit Grantown on Spey gaan we de Cromdale Hills doorsteken. De wandeling voert eerst door het fraaie dal van de River Spey. De rivier is vermaart bij vissers en whiskyliefhebbers. In deze regio staan veel distilleerderijen. Het langeafstandspad de Speyside Way voert door deze fraaie streek. We drinken koffie in een tearoom van het gehucht Cromdale. Dertien gasten op de vroege ochtend. Alle handen worden uit de mouwen gestoken door de uitbaatster en haar man. De inrichting is van vergane glorie. Maar je hebt wel het idee gezellig in de huiskamer te zitten!
Na de koffie gaan we door de weilanden naar de Cromdale Hills. Aanvankelijk volgen we een pad langs een soort insnijding in de helling. Hogerop zijn er echter duizend schapenpaadjes en is het niet meer duidelijk welke we moeten volgen. Wat het ene moment de beste lijkt te zijn, houdt even later weer op. De heidestruiken zijn best groot. De wat kleinere dames krijgen moeite met het er overheen stappen. Het is hier ook al best wel steil. De top van de heuvelrug is dan ook een verademing. Hier moeten we nog wel struinen, maar de beplanting is lager en het is er veel vlakker. We gaan zitten, drinken wat en genieten van het uitzicht over de Spey Valley en de Monadhliath Mountains. Opeens krijg ik een duw in mijn rug. Er lopen tamme rendieren!
We volgen de bergrug en lopen via de veel vlakkere oostflank naar beneden. Al met al is het toch redelijk vermoeiend geweest en het grootste deel van de groep blijft in een tearoom zitten. Het busje met het bagagetransport pikt ze aldaar op. De rest loopt door naar Tomintoul. Het is nog niet echt laat, maar het gaat al schemeren als wij aankomen. De rest van de groep heeft zich al geïnstalleerd aan de bar.
|
Cromdale Hills
|
|
Grantown on Spey (220 m) - Golf Course - Mains of Cromdale - Cromdale - Haughs of Cromdale - Creagan a'Chaise (722 m) - March Burn - Mains of Glenlochy - Bridge of Brown (300 m) - Baumich Allt Iomadaidh - Glen Brown (335 m) - Stronachavie (390 m) - Kylnarochit Lodge - Bridge of Avon (290 m) - Tomintoul (345 m)
|
Langs de River Avon & Craig Veann
De volgende dag volgen we vanaf Tomintoul de River Avon. Deze ondiepe rivier stroomt kalmpjes door de vlakke en oostelijke uitlopers van de Cairngorms. Het moet een fraaie tocht zijn om via de River Avon, langs Loch Avon naar de toppen van Cairngorms te lopen. Een meerdaagse tocht waarvoor je een tent moet meenemen. Een andere keer. Nu lopen we naar de Craig Veann.
Onderweg treffen we veel Schotse Sneeuwhoenders en ook schuttersputjes aan. Vanuit de putjes kunnen de jagers de opgedreven vogels schieten. Wild of geen wild?. Dat is hier de vraag. Om de landgoederen in de Highlands enigszins rendabel te maken, is game birds één van de bronnen van inkomsten. Ten behoeve van de jacht wordt de heide optimaal gehouden voor deze vogels. Ze worden zelfs bijgevoerd. Het jachtseizoen is na de zomer, het stalking season. Mocht je belangstelling hebben: Het schieten van Schotse Sneeuwhoenders is een dure aangelegenheid. Voor buitenlanders. De locals in Tomintoul hebben goedkopere manieren gevonden, die stropen. Spendeer een avondje in een kroeg in Tomintoul en je weet alle ins and outs.
Vanaf Craig Veann lopen we over de brede bergrug naar het dal en komen uit bij Corgarff Castle. Een symbool van de onderdrukking van opstandige Jacobiet-Highlanders na de grote revoltes in 1715 en 1749. We lopen nog een eindje door en even verderop pikt het bagagetransport ons op, voor de laatste 40 kilometer naar Breamar.
|
Oostelijke uitlopers van de Cairngorms
|
|
Tomintoul (345 m) - oostelijk langs de River Avon - Torbain - (350 m) - Liath Beinn (635 m) - bealach ( 560 m) - Craig Veann (711 m) - ZO naar Glen Don - Inchmore - Corgarff Castle (400 m) - Old Military Road langs Ordgarff - A939
|
Het onderkomen in Breamar is een B&B. Maar dan ook een echte. Diner wordt er niet geserveerd. Aan de andere kant van het dorp staat onze maaltijd te dampen. Daarna eindigen we in een groot statig hotel, dat in vervlogen tijden deftig onderdak heeft geboden. De Dee-Side is aan het eind van de vorige eeuw enorm in de belangstelling komen te staan, doordat koningin Victoria en haar man Albert hier veel verpoosden. In het nabij gelegen Ballater is ook een kasteel waar de Britse koninklijke familie elke zomer zijn vakantie verblijft. Wij houden het op de koninklijk smakende Laphroaig.

River Dee en in de verte Lochnagar (Grampians)
|
Waar blijft de winter?
Een aantal deelnemers begint zich zo langzamerhand toch echt af te vragen, waarom die Schotse winters zo berucht zijn. Tot nu toe is het allemaal redelijk eenvoudig geweest. Oké het is niet echt warm en je moet op tijd in het dal zijn, want het is vroeg donker. Maar winter? Nee, daar is geen sprake van. Veelvuldig tuur ik met mijn verrekijker naar de toppen van de Cairngorms. In de hoop een glimp van ijs te zien. Helaas. De vraag is of ik überhauot wel kan ijsklimmen volgende week. Sommige deelnemers van deze reis zouden de wandelingen net zo goed zelfstandig kunnen lopen, zonder reisleiding. Over sneeuwschoenen hebben we het al helemaal niet meer. Als of de duivel ermee speelt, krijgen we de laatste dag toch nog één echte Schotse winterse wandeldag. Niet om mijn meerwaarde te laten blijken, maar om het idee te logen straffen dat je zo maar zou kunnen rondlopen in de winterse Highlands. Een paar dagen later kopt de krant zelfs: Winter strikes back with a vengeance.
Dee-Side & Morrone
Vandaag hebben we een nadere kennismaking met de River Dee. Eigenlijk stond de Beinn a'Bhuird (een Munro) op het programma. Met 1196 meter werd deze berg door sommige een tandje te zwaar gevonden. Het 'samen uit, samen thuis' principe werd echter direct opgepakt door de groep. Vandaar dat we een eenvoudigere wandeling maken langs de River Dee, die voor de liefhebbers afgesloten kan worden met de Morrone, een grote hill zuidelijk van Braemar. Langs de River Dee tref je de, in Schotland zeldzame, naaldbossen met Socttish Pine. Voor de 'toppers' is het vervolg een struintocht naar de Morrone. Tijdens de laatste meters naar de top staat er een ijzige wind. Op de top zijn we maar wat blij met de beschutting van de hutjes _self de zendmast die op de Morrone staat. De ijzige wind is een vooraankondiging voor morgen.
|
Dee-Side & Morrone
|
|
Linn of Dee (373 m) - Glen Lui - Clais Fhearnaig (525 m) - Glen Quoich - Linn of Quoich (329 m) - Victoria Bridge (330 m) - Linn of Corrlemulzie - Corrlemulzie Burn - Coire nam Freumh - Morrone (859 m) - Breamar (350 m)
|

Als koeien in de wind pauzeren (Glas Moal, Grampians)
|
Winter strikes back with a vengeance
Met een taxibusje laten we ons afzetten op de pas bij Glen Shee. Het skigebied van Glen Shee is gesloten. Niet dat er veel van te zien valt. We lopen langs de afzetting van de skipiste omhoog, maar het is mistig. In de afgelopen 10 uur heeft het continue gesneeuwd. Een noordwestelijke storm heeft polaire lucht met kou en sneeuw gebracht. De graspollen zijn verijst. Op een enkele meter is het zelfs glibberen geblazen. Glas Moal is een Munro. Een top van meer dan 3000 voet (914 m). Door de nabijheid van een autoweg, hoef je echter maar een kleine 400 meter te stijgen. Dat is veel eenvoudiger dan menig lagere berg, die we tijdens deze reis hebben beklommen. Nu is echter het weer de bepalende factor en niet het hoogteverschil. De storm giert om je capuchon. De groep blijft dicht op elkaar. Bij een pauze staan we als koeien met de kont naar de wind gericht.

Groep op weg naar Glas Moal (Grampians)
|
Boven op de top van Glas Maol wordt het even zoeken naar de top cairn (steenman). De top is een vlakte, zo groot als een voetbalveld. Het is lastig om je daar te oriënteren in mist en storm. De cairn staat aan de andere kant van het top-plateau. We moeten hem vinden. Het is een navigatiepunt voor de doorsteek naar Cairn of Claise. Na enig zoeken hebben we hem gevonden en bepalen we een nieuwe koers. We blijven de bergrug naar het noordnoordoosten volgen en komen zonder te veel hoogteverlies op de volgende Munro Cairn of Claise. Het weer klaart nu ook op.

Opklaringen en witte Highlands als we op weg gaan naar Glen Callater (Grampians)
|
Door de opklaring lopen we nu door een fraai winters tafereel. De Highlands zijn bedekt met een fraaie witte deken. De wind is gaan liggen. Geen zwiepende koordjes meer van je capuchon, die in je gezicht slaan. Geleidelijk dalen we af naar Loch Callater en drinken thee uit de thermosfles in de bothy. Daarna gaan we naar de openhaard van de B&B en het inmiddels bekende glas whisky.
|
Glas Moal, Cairn of Claise & Carn an Tuirc
|
|
Glen Shee: Devil's Elbow (605 m) - Meall Odhar (922 m) - Glas Moal (1068 m) - Cairn of Claise (1064 m) - Carn an Tuirc (1019 m) - pad naar Glen Callater - Loch Callater - Lochcallater Lodge (bothy: 505 m) - Auchallater - A99 - Golfcourse - Breamar (350 m)
|
Royal Lochnagar
Het is de laatste dag. Wat is een betere afsluiting van een Schotse reis, dan een bezoek aan een whisky distilleerderij? We gaan dan ook naar de Royal Lochnagar distillery. Dit is een kleine distilleerderij. Prince Charles is de 'beschermheer' van deze distilleerderij. Vandaar de toevoeging 'Royal'. Maar het kan ook zijn omdat de distilleerderij zo ongeveer in zijn achtertuin staat. Als we aankomen is de gastvrouw enigszins teleurgesteld. Slechts dertien mensen, ze had er dertig verwacht! Blijkbaar had ze mijn thirteen over de telefoon verstaan als thirty. De distilleerderij is 's zaterdags gesloten in de winter, maar voor een grote groep wilde ze wel een rondleiding geven. Maar ze maakt er het beste van. Het is altijd leuk een distilleerderij te bezoeken, maar de omzet n.a.v de speciale rondleiding is niet groot. De smaak van Charles wordt niet gedeeld.
Winter!
Ik begeleid de groep naar het vliegveld in Aberdeen en zwaai ze uit. Het is altijd een grote overgang. Van de spil van een groep, weer alleen. Ik ben er wel aan toe om even niet meer voor alles verantwoordelijk te zijn, of op zeer uiteenlopende zaken te kunnen worden aangesproken. Maar het blijft een grote overgang, met licht katterige bijverschijnselen.
Daarna ga ik terug naar de auto die in Dunblane staat. Vanaf morgen ga ik ijsklimmen met Wijnand. In de afgelopen dagen heb ik me vaak afgevraagd of ik onze afspraak niet moest annuleren. Rond de Ben Nevis blijken de routes echter snel in nick, in conditie. Uiteindelijk klimmen we de hele week in fraaie winterse omstandigheden (zie ijsklimmen in Lochaber).
|